Keuzemoment A9b: Van Jan naar Esther

Terugkoppeling van het gesprek met Jan:
Je hebt ervoor gekozen om met Jan mee te lopen en vragen te stellen over zijn werk. Terwijl je hem volgt door de gang, valt je op dat hij continu in beweging is—van de medicijnkar naar een cliëntkamer, dan weer naar het zorgdossier. Hij lijkt amper tijd te hebben om stil te staan.

Tijdens jullie gesprek geeft hij zuchtend toe: “Kijk, ik snap dat innovatie belangrijk is, maar ik ben gewoon de hele dag bezig met zorgtaken. Ik heb geen tijd om ook nog te gaan zitten prutsen met een tablet.”

Je begint te begrijpen waar zijn weerstand vandaan komt: de Compaan past niet goed bij zijn taken, of in ieder geval niet op een manier die hij direct ziet zitten. Voordat je de kans krijgt om verder met hem in gesprek te gaan, wordt Jan weggeroepen door een collega.

Dan kom je Esther tegen:
Terwijl je door de gang loopt, zie je Esther bij het koffiemachine staan. Je herinnert je dat ze tijdens de teamvergadering zei: “Ik wil best meedenken, maar ik weet niet of ik hier iets over te zeggen heb.”

Ze ziet je aankomen en glimlacht. “Hoi! Hoe gaat het met de plannen voor de Compaan?”

Wat doe je?

1. Je loopt met Esther mee en vraagt hoe zij denkt over de implementatie. 2. Je begint direct over de Compaan en vraagt of ze zou willen helpen met de demonstratie. 3. De reactie van Jan houdt je nog erg bezig. Je besluit dat je genoeg geprobeerd hebt en dat het beter is om verder te gaan met Margot en Ilse.